Pas op met crediteren van je factuur!

creditfactuur-voorbeeldIs het handig om niet betaalde facturen dan maar te crediteren en zo de btw terug te vragen?

Als advocaat belastingrecht sprak ik onlangs een ondernemer die nog wat oude, oninbare facturen open had staan op enkele van zijn cliënten. Het waren vrij kleine facturen en hij had geen zin om daarvoor een tijdrovende en dus kostbare incassoprocedure te starten. Hij vroeg me of hij die facturen dan maar moest crediteren, liefst ook per datum waarop hij ze had gemaakt. Ik begreep wel waar hij naar toe wilde. Hij moet straks in zijn kwartaalaangifte btw betalen die hij aan de wanbetaler in rekening had gebracht, terwijl die wanbetaler die btw nooit aan hem had betaald. Als hij nu ging crediteren op dezelfde datum als van de originele factuur, dan had hij per saldo geen btw-nadeel.

Oninbare facturen NIET crediteren

Natuurlijk is deze werkwijze gangbare praktijk maar ik heb hem toch geadviseerd om het niet te doen. Het crediteren van oninbare facturen is namelijk niet de geëigende weg om je betaalde btw terug te krijgen. Als de fiscus bij een controle hierop stuit en het gaat om flinke bedragen, dan wordt je algauw geconfronteerd met naheffingsaanslagen en flinke boetes!

Terugvragen via apart verzoek

De juiste weg om de btw van onbetaald gebleven facturen terug te vragen is om hiervoor een verzoek in te dienen bij de Belastingdienst. Voor het mooie moet je dat binnen 1 maand doen na afloop van het tijdvak, waarin je weet dat je cliënt je niet gaat betalen. Dat niet-weten moet je wel aantonen met bijvoorbeeld herinneringen, aanmaningen, etc.

Ben je te laat, dan is er nog geen man overboord. Meestal zal de fiscus je verzoek toch honoreren. Je zult tegen dat besluit alleen niet meer in bezwaar kunnen gaan, maar so what, je hebt je btw terug.

Dus:

Ga niet zomaar je oninbare facturen crediteren om je btw te kunnen verrekenen. Beter dien je een verzoek in bij de Belastingdienst om teruggave van je betaalde btw. Duurt wel effe, maar dan voorkom je gedoe met de fiscus.

 

Lenen bij BV en sparen box 3 voordelig

Verleden maand heeft onze hoogste rechter zich uitgesproken over een zaak van een dga die leende bij zijn BV en het bedrag van de lening tegen een hogere rente wegzette. De fiscus wilde het rentevoordeel belasten in box 1 en de dga in box 3. De rechter gaf de dga uiteindelijk gelijk.

Heeft u iets aan deze uitspraak? Ja zeker. Stel, u heeft een BV die bulkt van het geld. Het jammere is alleen dat de bank van de BV zo weinig rente vergoedt, op z’n best 1,5%. Bovendien wordt die rente ook nog eens belast tegen 20% vennootschapsbelasting. Als u een beetje om u heen kijkt, kunt u best een depositorente vinden van 3,5%. Nu komt de truc. U leent 1 miljoen euro van uw BV tegen dezelfde rente als de bank van de BV vergoedt, 1,5%. Vervolgens zet u het op een spaardeposito tegen 3,5% rente.

De fiscus was hier niet blij mee en vond dat het renteverschil van 2% belast moest worden als loon of als resultaat uit overige werkzaamheden. 2% over 1 miljoen euro is 20.000 euro en als u hier vervolgens 52% belasting over moet betalen, houdt u netto 9.800 euro over.

Gelukkig vindt de rechter dat dat niet aan de orde is, maar dat er sprake is van normaal vermogensbeheer en dat dus belastingheffing in box 3 moet plaatsvinden. Omdat het saldo op het spaardeposito wegvalt tegen de schuld aan de BV, is er per saldo niets te belasten. Dus uw 2% rentevoordeel is een netto voordeel. Eigenlijk is het meer, want de 1,5% rente die u aan uw BV betaalt, komt uiteindelijk deels weer bij u terug als dividend. Die rente wordt bij de BV belast met 20% vennootschapsbelasting en als die nettowinst weer aan u wordt uitgekeerd, wordt het bij u nog eens belast met 25% inkomstenbelasting. U houdt dan 0,9% over. Per saldo is uw opbrengst dan 2,9% netto.

Voor het slagen van de leen-spaarconstructie moet u natuurlijk wel zakelijk handelen. Dus leg alles schriftelijk vast en laat uw fiscalist u hierbij begeleiden.